Bipolair anders

Tekst: Ronald van Aalten

Sinds een aantal maanden ben ik lid van de groep ‘Werkende Bipolaire Mensen’ op LinkedIn. Echter, ik voldoe niet helemaal aan het profiel. Werken doe ik wel; als coach, therapeut en trainer, maar bipolair ben ik niet meer. Althans, niet in de zin van het hebben van een bipolaire stoornis. Wél in de zin van een geneigdheid tot uitersten. Ik herken de kern van de bipolaire dynamiek nog steeds in mezelf. Als ik de uitingsvorm van deze dynamiek afzet op een schaal van 0 tot 10 dan zit ik nu rond de 1. Dat is wel anders geweest.

Mijn manische psychose op mijn 18e scoort wel een 10 op deze schaal, de latere depressies zeker een 9 (afgewisseld met hypomane episodes: een 8). Op mijn eerste psychose na heb ik nooit medicatie gebruikt met als gevolg dat ik alle episodes ook ten volle heb beleefd. Geen aanrader!

Twee jaar van intensieve lichaamsgerichte therapie hebben me rond mijn dertigste verlost van de extreme episodes. Sindsdien ben ik nooit meer manisch, hypomaan of depressief geweest.

Wat niet wil zeggen dat mijn bipolaire dynamiek voorbij was. Een jaar of 6 geleden kwam deze dynamiek nog even flink tot uiting tijdens mijn opleiding tot Zijnsgeoriënteerd psychotherapeut. Ik schommelde een poosje tussen de pool van het supertherapeut zijn – iemand die iedereen kan helpen – en de andere pool, het gevoel een waardeloze prutser te zijn die er maar beter mee kon stoppen (rond de 5 op mijn bipolaire schaal). In de down pool voelde ik de trekkracht van de depressie: de deken van zwaarte die bezit van me wilde nemen. Evenals de bijhorende gedachten over hoe mislukt mijn leven wel niet was. Gelukkig was er al voldoende opgeruimd en had ik inmiddels voldoende vaardigheden geleerd om mezelf hier op een constructieve manier doorheen te begeleiden zodat de depressie niet tot ontwikkeling kwam.

“Door alle therapie die ik onderging in de opleiding werd het me duidelijk dat mijn bipolaire dynamiek sterk samenhangt met mijn inherente gevoel van waardigheid. Of beter gezegd, het ontbreken daarvan.”

Mijn waardigheid, eigenwaarde was in belangrijke mate gekoppeld aan mijn gevoel van capabiliteit. Mijn vermogen om iets te kúnnen. Zoals dus nu het vermogen om iemand te kunnen coachen. Met als gevolg grote inzet om maar succesvol te zijn en grote angst om te falen. Tijdens mijn eerste schreden op het coaching pad was ik dan ook vaak zo gespannen dat ik er niet veel van bakte.

Het doorzien en doorvoelen van deze koppeling maakte dat het contact met mijn inherente, natuurlijke waardigheid zich herstelde. Hierdoor is mijn prestatie-gedrevenheid en mijn faalangst fors minder geworden. Ik zit nu voor mijn gevoel tussen de 1 en 2 op mijn bipolaire schaal. Een zekere kwetsbaarheid is er nog steeds maar door de juiste zelfzorg is dat geen enkel probleem meer. Dingen die ik vroeger héél erg moeilijk vond door mijn grote stressgevoeligheid, zoals koken of spullen inpakken voor een vakantie, doe ik nu met gemak.

Bijna ben ik op mijn 28e gevallen voor het geloof dat de bipolaire stoornis erfelijk is en dat je er niet van kunt herstellen. Er was net een artikel verschenen in het vakblad Nature over de genen die manische-depressiviteit zouden veroorzaakten. Ik dacht ‘dan toch maar Lithium’ en deed een intakegesprek bij een psychiater. Gelukkig was het zo’n afstandelijke vervelende kerel dat ik van schrik niet meer terug ben geweest. Kort daarna bereikte ik een omslagpunt en loste mijn naderende depressie op om nooit meer terug te keren.

Inmiddels is men erachter gekomen dat het niet gaat om die paar genen waar men het toen over had in het Nature artikel, maar dat er honderden zo niet duizenden genen bij betrokken zijn, evenals allerlei epigenetische factoren. Ook is er na al die jaren onderzoek nog geen robuust biologisch bewijs gevonden voor de stelling dat de bipolaire stoornis een hersenziekte is.

Mijn stelling is dan ook dat ik vast niet de enige ben waarbij de bipolaire stoornis een gevolg is van energetisch-psychologische verstoringen. In mijn geval een diepe verwonding in mijn gevoel van eigenwaarde en zelfvertrouwen. Zoals het mij is gelukt om de bipolaire dynamiek terug te brengen tot zeer aanvaardbaar niveau, is dit denk ik voor veel meer mensen mogelijk. Het is dan wel nodig om diep in jezelf af dalen om de kern laag te kunnen helen. Therapieën zoals cognitieve gedragstherapie of interpersoonlijke therapie bieden hiervoor onvoldoende emotionele diepgang. Gelukkig zijn er aardig wat complementaire therapieën die dit wel in huis hebben.


ronald van aalten 2016

Wil je meer weten over mij en mijn visie op de bipolaire stoornis?
Kijk dan eens op mijn site www.bipolairanders.nl

 

Ik geef (zelf)stigma geen kans

Tekst: Ramona Griebe

Ik ben Ramona, ik leef met een bipolaire stoornis en van mij mag iedereen het weten.

Vorig jaar kwam ik in contact met Vincent Moolenaar. Hij had het idee om een filmpje te maken over iemand met een bipolaire stoornis. Op een ongedwongen manier mensen laten zien wat het inhoudt en mensen die het ook hebben de kans geven om te herkennen. We zijn tenslotte niet alleen.

Het zou een mooi filmpje worden, maar waarom mooi en gelikt als het onderwerp eigenlijk best ruw is? Dus hebben we besloten om het te laten zien zoals het is. Ik wilde heel graag mee werken, omdat ik weet dat er genoeg mensen zijn die denken dat ze zich moeten schamen, of dat ze er niet mogen zijn omdat ze wat ‘mankeren’. Ze zijn vaak bang, omdat ze de indruk hebben dat ze de enige zijn. Ook weten veel mensen niet hoe er mee om te gaan, dus keren ze zich af van mensen die zogenaamd ‘niet sporen’.

Zelf had ik er in het begin ook moeite mee, maar ik mocht al redelijk snel ontdekken dat, dat helemaal niet hoefde. Ik kan je ook heel eenvoudig vertellen waarom;

“Ik doe elke dag mijn best; ik overleef, ik vecht, ik geniet, ik lach, ik huil, ik ben eerlijk en open, ik raak makkelijk compleet uit balans, maar ik klim er elke keer ook weer boven op.”

Dat doe ik allemaal en nog meer. Soms word ik er echt bang van. Het kan voelen alsof ik helemaal alleen ben. En dan kan het zomaar omslaan naar ontembaar enthousiasme. Er zit voor mij niet veel tussenin, alles voelt intens. Ik ben ook niet de meest eenvoudige persoon, maar bijvoorbeeld wel heel creatief en ik kan echt ‘out of the box’ denken. Ik ben niet heel attent en kan verjaardagen zonder blozen vergeten wanneer ik te veel in mijn hoofd heb. Maar ik zal altijd klaar staan voor de mensen die ik lief heb. Ik kan heel rustig worden van dieren en praat dan ook honderduit tegen ze. Wat mensen daarvan willen vinden maakt mij niet uit.

Ik weet als ik wakker word niet hoe mijn pet aan het eind van de dag staat, dus leef ik mijn dag zo veel mogelijk, zoals ik me er prettig bij voel. Ook al betekent dat, dat ik niet altijd mee kan komen en regelmatig een ‘pauze-dag’ moet hebben. Even pas op de plaats. Soms moet ik ook ‘nee’ zeggen tegen mijn dochter. Of heb ik minder aandacht voor haar. Dat kan me zo dwars zitten, maar gelukkig kan ik haar dan gewoon vertellen dat mama zich niet zo lekker voelt. En als haár hoofd een keer te vol zit, kan ze rekenen op mijn begrip, want ik snap het.

Zoals iedereen heb ik ook mijn periodes dat ik vind dat alle slechte dingen mij overkomen. Niet eerlijk vind ik het dan, dat ik zo’n vervelende stoornis moet hebben. Maar ik moet het er mee doen, dus dan maak ik het voor mezelf zo prettig als ik kan. Ik ben er wel achter dat elk nadeel ook zijn voordelen heeft, en elk voordeel ook zijn nadelen. Een hele vervelende periode is voor mij bijvoorbeeld voer voor inspiratie om te schrijven.

Van afkeurende blikken of gefluister heb ik gelukkig weinig last. Mensen in mijn omgeving weten hoe het zit en ik doe niet geheimzinnig als er anderen bij zijn. Het lijkt makkelijker te zijn voor anderen als ik me positief op stel. Als ik me niet schaam, hebben zij ook geen reden om er een ongemakkelijk en schaamtevol iets van te maken. Uitzonderingen zullen er altijd blijven, maar die bevestigingen voor mij alleen maar de regel.

Hoe mensen het ook het ook wil verwoorden, ik ben blij met wie ik ben en ik geef (zelf)stigma geen ruimte. Dus daarom mijn verhaal; ik hoop dat (zelf)stigma steeds minder ruimte krijgt om te bestaan.

 

 

 

 

 

 

Accepteer je stoornis

Dit stuk verscheen op 20 juni 2017 op de site van Mijn Gezondheidsgids

Astrid (42) had haar leven op 25-jarige leeftijd in alle opzichten op de rails. Ze was jong, had een goede baan, een leuke vriend en stond op het punt te gaan trouwen. Niets leek haar geluk nog in de weg te staan. Totdat een hevige manische episode roet in het eten gooide. Het heeft Astrid maanden gekost om haar aandoening te leren accepteren.

In aanloop naar haar bruiloft, nu 17 jaar geleden, merkte Astrid dat ze steeds slechter in slaap kon komen. Gedachten die ze maar niet los kon laten zorgden ervoor dat ze urenlang bleef piekeren. Astrid bleek een manische episode te hebben die uitliep in een psychose.

“Ik was niet meer mezelf en belandde zelfs in een separeercel. Elke prikkel was er één te veel. Ik leefde in mijn eigen wereld.” De opname duurde vier maanden lang en gelukkig voor Astrid is de man met wie ze ging trouwen, haar huidige echtgenoot, in deze periode niet van haar zijde geweken. Ook haar baan`als financieel consultant kon ze, dankzij het begrip van haar leidinggevende, weer oppakken.

Omgaan met de bipolaire stoornis

Na haar opname besloot Astrid haar kinderwens even uit te stellen. Ze wilde zeker weten dat ze haar leven weer aankon, ook zonder medicatie. Daarom stopte ze een jaar voor haar zwangerschap met het slikken van haar medicijnen.

Inmiddels heeft Astrid twee dochters van 12 en 9 jaar. Beide bevallingen gingen gepaard met terugvallen en korte opnamen, maar het vertrouwen in haar eigen kracht om terug te knokken en de onvoorwaardelijke steun van haar man, hebben haar door deze perioden heen geholpen. Om met haar bipolaire stoornis om te kunnen gaan, is het belangrijk dat mensen naar haar luisteren en haar begrijpen, juist tijdens stabiele perioden.

Het opbouwen van een vertrouwensband met haar behandelaren, dankzij regelmatig contact, helpt Astrid hulp te accepteren op momenten dat dat wél nodig is. “Wanneer ik in stabiele toestand ben kan ik prima functioneren. Het kan jaren achtereen goed met me gaan. Het is absoluut niet zo dat deze ziekte mijn leven 24/7 beheerst.”

bipolaire-stoornis

Ingrijpende veranderingen

Toch kan het bij veranderingen in haar leven, zoals het overlijden van een dierbare of, in het geval van vorig jaar, het overstappen op een nieuwe baan, nog wel eens misgaan. Na drie maanden op haar nieuwe werkplek begon het piekeren weer.

Astrid kreeg een terugval. “Het ging in een stroomversnelling: ik was gestopt met mijn medicatie en dus mijn bescherming kwijt. Ik zat niet lekker in mijn vel, dat uit zich bij mij in een manie. Ik zie geen risico’s meer, denk alleen maar aan mezelf en ben niet met anderen bezig. Ik zocht rust, maar vond die niet.” Omdat Astrid inmiddels de signalen al in een vroeg stadium herkent, kan ze snel handelen.

Zo weet ze op tijd haar verpleegkundig specialist en psychiater te vinden om haar de begeleiding te bieden die ze nodig heeft. “Zij hebben mijn leidinggevende ook in een openhartig gesprek uitgelegd dat ik, wanneer ik stabiel ben, prima mijn takenpakket kan uitvoeren. Dit heeft het vertrouwen van mijn leidinggevende in mij hersteld.”

Genezen zal Astrid nooit van haar bipolaire stoornis. “Deze aandoening is vervelend en natuurlijk had ik het liever niet gehad, maar het heeft me ook veel gebracht. Ik voel goed aan wanneer iemand zich niet goed voelt en kan dan net de juiste vragen stellen en een luisterend oor bieden. Het is vooral belangrijk om geloof in jezelf te blijven houden.”


Leven-met-bipolaire-stoornis-Accepteer-je-stoornis

TEDx by Sharon Sutton

TEDx Speech by Sharon SUTTON.
Durham Marriott Hotel Royal County.
Saturday 11th March 2017.

So, what do you do when you get a diagnosis of Bipolar Disorder?

When I got mine in 2013, along with my prescription for a box of mood stabilisers in tow, I didn’t know what to do. Whether to tell anyone or what was to lie ahead for me. But what I did want to know was what it meant and what I was going to do about it. For about a month I kept relatively quiet about my Psychiatrists recent conclusion, however, eventually it appeared to be no secret.

17270876_10154564030128235_1897513793_n

For anybody that is unaware of what bipolar disorder is, it was formerly known as manic depression and it can affect your moods by swinging from being in a depressive to an elevated state. It’s common and can affect 1 in every 100 adults. Many people like myself are usually diagnosed when depressed.

Bipolar disorder results in just over a 9-year reduction in expected life span and as many as one in five patients with bipolar disorder succeeds in taking their own life. Although bipolar disorder is equally common in men and women. Research indicates that approximately three times as many women as men experience rapid cycling. Bipolar disorder affects nearly 6 million American adults or about 2.6% of the U.S. population age 18 and over every year.

Side effects can include a range of symptoms from having difficulty in concentrating and remembering things, difficulty sleeping, hallucinating, self-doubt, lacking energy, to being irritable, easily distracted, talking quickly, being overjoyed, hyperactive and having racing thoughts. Mania is an extreme elevated state which can include extremely risky behaviour but I myself have never experienced it.

I have experienced hypomania though. In some of my depressive states I haven’t left the house for weeks except for school runs. I’ve cut off the outside world and barely looked after myself. On the other hand, I ‘ve jumped up and down on the bed randomly in the middle of the night being full of adrenalin along with my bedroom window wide open whilst singing loudly to the birds. All while not caring who is listening or who I may potentially annoy.

So, you’re probably wondering how all this came about?

Well, I think that my mental health problems began when I was approximately 16. I had never known much middle ground in my life. But what I knew, as did others, was that I was different. By now I was told that I stood out from most people and I liked it. I never once wanted to blend in. Unfortunately, a year before I moved out, so I will have been about 15 years old, I spent mixing with the wrong crowd of people by getting into trouble and I was up to nothing but pure mayhem. I’m ashamed to admit that I think I became a dreg of society within that space of time.

At just 16 years old I moved out of the family home and spent 9 years in an abusive relationship with a psychopath. I was bullied, spat on, conditioned, spoken to like I was worthless, controlled and stalked. Mentally, financially, sexually and physically I was abused and so this was the beginning of a downward spiral in my mental health. I sometimes had knives held to my throat and at one point I even had a fractured left hand and bruises on my body. It wasn’t easy to walk away from the life that I had and it was easier to put up and shut up.

Whilst I was in this relationship, age 19 by now, I took on a Fish and Chip shop for 6 years with help from family members to buy it. Not one of my best ideas, but most definitely a learning curve I must admit. I had a love hate relationship with my business. I say this because it was what put food on my daughter’s plate and what I wanted at the time, so that I could have more stability in my life. On the bright side, my shop was listed as one of the top 50 in the UK and the only one north of Whitby to get the Sea Fish Industry Authority Award; it was ranked alongside a celebrity chef’s fish and chip shop and mentioned in numerous national newspapers and magazines. Radio interviews followed as did photographer’s randomly turning up at my shop to get their share of photos of myself with the award. To say it was rather surreal was an understatement. It’s on my wall in my house right now and I am proud of that achievement. Nevertheless, the roller coaster of my life continued.

I was about 7 months pregnant at the time with my eldest daughter and my life literally changed overnight.

After my ex tried to unsuccessfully take mine and my daughter’s life in a car crash, I felt like I had to finally take matters into my own hands. However, I found myself being too scared to move on in my life. So, I drove in front of a lorry head on instead. I clearly didn’t know what I was thinking at the time. Luck was obviously on his and my side that day. The only thing that stopped me from driving into the lorry was the driver flashing his headlights and at that moment I swerved my car to miss it.

I was alive but sick of my life. I didn’t want to die, I just wanted my pain to end. It was more of a cry for help. I felt exhausted in every way and I wanted to leave the world behind as I thought it was my only way out. From the outside looking in it would have appeared that I had everything. A family, a business, a house and a car. This was maybe the case, but behind closed doors it was a different story. A house it was, but a home it was not. My then partner never did find out about my suicide attempt and so my life went on everyday like Groundhog Day.

After some time, I finally dared to move on. I sold the business and moved house with just me and my eldest daughter. I spoke to the Police about my violent past and unfortunately with my case being historic by then and the fact that I had little proof of what I had experienced they couldn’t really help me. I wanted to help others not to go through what I had, so I started work as a Police volunteer in Domestic Violence, Adult Vulnerability and Child Abuse Investigation. I sometimes spoke to victims, signposted people for help and I typed hundreds of transcripts of Police interviews ready for court. I loved what I did.

I met someone else, moved house again, had another child and eventually started married life. I was in the relationship for about 4 years before we parted ways. My complicated personal life continued. Disastrous toxic relationships followed, but at the same time without what has happened in my life, I wouldn’t be here and where I am today. It’s now 2017, roughly ten years since I was at my lowest point in my life, now I’m stood telling you my story, pleased that I failed at my suicide attempt.

In just over 3 years what have I done with that diagnosis then?

Well, to aid myself to getting on the path to a better life I decided to teach myself what it was all about and the rest is basically history. From then I set up a Facebook page called Me, Bipolar & I to help people with Post Traumatic Stress Disorder, Depression and Bipolar Disorder, of which I have experience all. Today that page has over 12 thousand followers worldwide, is recognised by The International Bipolar Foundation in the USA, and is looked at by Police forces, Psychiatrists and all sorts of different people.

17273971_10154564030428235_2083987704_o

From there I’ve looked for things that I can do and be part of. I’ve been involved in TV & scientific research, co – delivered Bipolar Disorder classes in Recovery College & University, helped raise awareness by speaking to support providers, met celebrities and spoken about mine and their experiences to them, contributed to clinical assessments, educated myself, done interviews, worked in a mental health hospital & community mental health team, become a member of different mental health charities, joined a drop in group as a volunteer, met with staff in local businesses to try and educate them, had my thoughts put in front of parliament members and even won the former Deputy Prime Minister’s Mental Health Hero Award in 2015, out of 900 nominations there were approximately 40 UK winners of which I was 1 of 3 in the North East of England to get it. The award is on my wall at home along with my Fish and Chip shop award.

I try to be an advocate by speaking out, blogging and campaigning by breaking the silence, and if more people, like myself, spoke out about mental illness there would be a lot less stigma and discrimination within society. I speak for the silent, but together we can be stronger in numbers. You know, when we learn how to work together versus against each other, things might start getting better.

So, after years of being on different medications I have been totally free of them for over 8 months now and I find that weight lifting and boxing benefit me too. I help my new partner and he helps me as we both have experience of mental health problems.

I don’t let Bipolar Disorder get in my way with what I want to achieve. It’s not an excuse but an explanation of my behaviour, and just sometimes, having bipolar disorder means waking up not knowing whether Tigger or Eeyore maybe making my decisions for me!

It doesn’t rule my world nor define me, but it fuels my passion and inspires me. To be honest, without Bipolar Disorder I don’t think that I would be as mentally strong as I am today. I find it a curse at times, but more definitely a blessing, and from it I now have a passion and a purpose.

“If there is one thing that you could take away from this speech, then please remember to try to see the person and not the diagnosis.”

Change your fears, change your boundaries, change your limits and thus.
Choose your hobby as your job.
To go somewhere even if you have no idea where the road will take you.
Choose to be excited about your next idea whatever it may be.
To move out of your comfort zone.
Choose health and to look after yourself.
To help people even when you don’t want to help yourself.
Choose to be the person that you would want to know.
To smile at the person who isn’t smiling back at you.
Choose to be different and to stand out.
Not to be consumed by everything.
Choose your thoughts not to be controlled by society.
Not to be told what to do.
Choose not to let trivial things get to you.
To be inspired by whatever may inspire you and to laugh when it’s totally inconvenient to do so.
Choose to be the person that everyone wants to genuinely know.
To love the life, you live.
Choose experiences over possessions.
To never give up.

CHOOSE LIFE!

Stabiel door medicijnen

Tekst: Daphne Thijsse

Al zo’n drie-en-een-half jaar ben ik stabiel. Ik heb een bipolaire stoornis, maar ik merk er niet zoveel meer van. Nee, dat is niet waar. Ik merk de bijwerkingen van de medicijnen. Die wel. Maar (hypo)manieën of depressies? Nee. Psychotische verschijnselen? Nee.

En dat geeft rust. Heel veel rust. Ik hoef niet meer bang te zijn hoe mijn stemming er morgen uit zal zien. Ik hoef niet meer te overwegen of ik wel of niet naar dat feestje zal gaan. Ik kan gaan want ik weet dat ik niet ontregeld zal raken.

Hoe is het zo gekomen? Ik heb de juiste medicijnen gevonden. Ik had al het geluk dat ik op Lithium zeer goed functioneerde waardoor vooral die verschrikkelijke depressies tot het verleden behoorden. Ik had nog wel last van hypomanieën waardoor ik in 2010 twee bruiloftsfeesten in verhoogde staat van zijn heb meegemaakt. En in 2012 liep het goed uit de hand. Ik raakte voor de tweede keer ernstig psychotisch en moest opgenomen worden. De 50 mg Seroquel die ik slikte bood niet genoeg bescherming. Na effectieve toediening van Zyprexa, therapeutische sport en spel tijdens de opname, die een maand duurde, was het ergste van de psychose wel voorbij en mocht ik met ontslag. De Zyprexa en de kalmeringsmiddelen werden afgebouwd en ik deed het weer goed. Praktisch op alleen Lithium.

Toen was ik op een dag in een mooi natuurgebied. Het was een warme dag dus ik ging even liggen soezen in de schaduw. Plotseling zei iemand tegen me: “Ik houd van je”. Ik keek om me heen. Niemand te zien. Ik hoorde het weer heel duidelijk. “Ik houd van je”. Het moest uit m’n hoofd komen. In mijn hoofd sprak iemand tegen me. Het was niet eens zo heel vreemd of eng. Het was eigenlijk heel fijn.

Na het weekend vertelde ik over mijn ervaring toen ik meedeed aan de Sociaal Ritme Therapie. Er werd gelijk groot alarm geslagen en mijn spv-er werd er bij gehaald. Door de paniekzaaierij was ik vooral heel erg verdrietig en zat ik dan ook heel hard te huilen in de kamer van mijn spv-er. Zij riep er een psychiater bij en zei: “Daphne, schizo-affectieve stoornis”. Toen ik dat hoorde ging ik nog harder huilen. De psychiater schreef mij Haldol voor. Twee milligram. Het was voor mij een nieuw middel. Toen ik weer wat gekalmeerd was, zei ik: “Ik ga het vandaag niet halen want mijn apotheek zit een eind weg. Ik haal het morgen wel”. Ze wisselden blikken uit maar gaven mij toch het recept mee.

medications-257346_640

De volgende dag haalde ik de pillen op bij de apotheek en diezelfde avond begon ik met slikken. Na een paar dagen merkte ik al verschil. Mijn gedachten gingen niet meer zo alle kanten op en ik hoorde geen stemmen meer.

Sindsdien, augustus 2013, slik ik Haldol. Ik vind de bijwerkingen ongelooflijk vervelend, hoewel die minder zijn geworden nadat ik de dosering verlaagd heb tot een milligram. De eerste keer dat ik dat probeerde kreeg ik hele nare stemmen in mijn hoofd die dingen zeiden als: “Je vader gaat morgen dood”.

Toen heb ik nog een tijd twee milligram geslikt totdat ik echt omlaag wilde. Dat is toen wel gelijk goed gegaan. Sindsdien ben ik stabiel op 1200 mg Lithium en een mg Haldol. En ik slik 25 mg Quetiapine om te slapen. Wat wèl een terugkerend patroon is, is dat ik in de zomer meestal zo’n zes weken achter elkaar matig depressief ben. Dat is dan in de zogenaamde komkommertijd.

De stabiliteit brengt me veel. Ik moet naast de medicatie natuurlijk leefregels in acht nemen en goed voor mezelf zorgen. Maar de medicijnen vormen wel een solide basis waar ik op kan bouwen. Ik ben heel blij en dankbaar dat ze goed voor me werken. Ik heb wel gehoord dat Lithium voor één derde van de mensen met een bipolaire stoornis wel werkt, voor één derde een beetje en voor één derde helemaal niet.

“Wat ben ik blij dat Lithium goed werkt bij mij.”

Haldol is een effectieve psychose-onderdrukker. Het is niet voor niets de oudste die er bestaat. Helaas onderdrukt de Haldol naast de psychose ook andere dingen, maar dat is voer voor een ander blog.


IMG_2931

Mijn naam is Daphne Thijsse. Ik woon in de buurt van Leiden met vriend en hond. Ik heb twee keer in mijn leven een ernstige psychose met opname gehad en verder de nodige ups-and-downs waardoor ik al 12 jaar het predicaat bipolair I draag. Door mijn psychosegevoeligheid is er ook wel het stickertje schizo-affectieve stoornis op geplakt. Ik houd van schrijven, lezen, muziek maken, zingen, toneelspelen en lesgeven.

Momenteel schrijf ik aan mijn eerste boek, over de ervaringen met mijn eerste psychose en opname. Ik heb een eigen blog:

www.daphnethijsse.wordpress.com

Het verhaal van Lonneke

Dit stuk verscheen eerder op de website ‘Zet een streep door discriminatie‘.
Deze koepelcampagne is een initiatief van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).

Lonneke is 32 jaar. Tijdens haar studie geneeskunde werd bij haar een bipolaire stoornis met een persoonlijkheidsstoornis vastgesteld. Ze woont in Leiden met haar kat Colette.

‘Alleen met medicatie en leefregels, zoals ritme en regelmaat en gedoseerde hoeveelheden stress, is het onder controle te houden. Tussen de episodes kan ik ook weken of maanden stabiel zijn. Er zijn ook mensen met een bipolaire stoornis die zelfs jaren stabiel zijn.’

‘Mijn bipolaire stoornis houdt in dat ik afwisselend depressieve en hypomane (uitbundige, drukke) perioden heb. Bij een depressie ervaar je totale leegheid. Je kunt er wel een uur over doen om je aan te kleden. En boodschappen doen is al helemaal een opgave. Daar staat tegenover dat je tijdens een hypomanie alleen maar het positieve ziet en overal zin in hebt. Dat is heerlijk, maar de schaduwzijde is dat je jezelf uitput. Daarna beland je weer in een depressie.’

Reactie van de omgeving is belangrijk
‘Ik zou willen dat psychiatrische aandoeningen minder omgeven zijn door een stigma. Ik ben altijd erg op mijn hoede in hoeverre ik open kan zijn over mijn beperking. Gelukkig doe ik heel fijn werk. Ik ben actief op het partijbureau van de PvdA. Al mijn directe collega’s kennen mijn sterke en zwakke punten. Daardoor kom ik optimaal tot mijn recht.’

‘In het verleden kon ik niet altijd zo open zijn. Daardoor functioneerde ik minder goed in die omgeving. Nu is dat totaal anders. Mijn leidinggevende remt me bijvoorbeeld af als ik in een hypomane periode teveel hooi op mijn vork dreig te nemen. Hij neemt me tegen mezelf in bescherming. Dat is erg fijn, want zelf heb ik de neiging om altijd maar door te gaan. Ik heb een enorme bewijsdrang.’

‘In mijn ideale wereld wordt er geen onderscheid gemaakt tussen psychische en lichamelijke aandoeningen. En als ik het vanuit mijn medische achtergrond bekijk, ís er ook geen verschil. Je gaat naar een cardioloog als er iets met je hart is. En je gaat naar een psychiater voor je psyche.’

‘Gelukkig ben ik gezegend met een vriendenkring die me altijd normaal heeft behandeld. Ze zien mijn psychiatrische aandoening als iedere andere ziekte. Hopelijk komt het ooit zover dat de rest van de wereld er ook zo over denkt.’

Tips van Lonneke
Drie tips voor de omgang met mensen met een psychische aandoening:

  • Zie ons voor vol aan. We zijn volwaardig leden van de maatschappij.
  • Probeer een psychische aandoening te zien als iedere andere (lichamelijke) ziekte.
  • Nodig eens iemand met een psychische aandoening uit voor het eten of ga samen boodschappen doen. Zo is die persoon uit zijn of haar huis en onderneemt hij dingen. Dat lukt hem niet altijd als het niet lekker gaat.

Leiden, 5 januari 2017 - Lonneke
Foto: Phil Nijhuis

Klik hier om de videoboodschap van Lonneke te zien.

Ik worstel en kom boven

Tekst en foto’s: Ringo van der Stel

De eerste ervaring die mijn herstel aankondigde was mijn opname bij verslavingszorg om behandeld te worden voor mijn alcoholverslaving. De opname duurde drie maanden. Tot die opname had ik een solitair leven. Ik deelde mijn diepste problemen en gevoelens nooit met iemand omdat ik mij daar te trots voor voelde en ik niemand in de buitenwereld genoeg vertrouwde. Dit idee werd in de verslavingszorg doorbroken. Ik kreeg voor het eerst een gevoel van veiligheid. Een gevoel van vertrouwen. Ik durfde over mijn problemen te praten en deze te delen.

Al in de eerste week kreeg ik van een verpleegkundig specialist een citaat van Groucho Marx, een Amerikaanse Joodse komiek (New York, 2 oktober 1890 – Los Angeles, 19 augustus 1977).

16507808_1191520934297602_2331339729766236788_n

Hoe eenvoudig het citaat ook klinkt, het is voor mij wel de dagelijkse reminder waar mijn motor op draait. Uit de slachtofferrol, acteren en besluiten nemen op eigen kracht.

Binnen de kliniek ben ik voor het eerst in aanraking gekomen met haptonomie en mindfulness. Door de haptonomie heb ik weer leren voelen. Bijvoorbeeld wanneer iets goed voelt of wanneer de druk voor mij te hoog wordt. Eenvoudige gevoelens die ik nooit zelf ervaren heb. Dit was voor mij als een soort van openbaring. Voor mijn opname was mijn leven net een sneltrein. De obsessie voor iets was mijn motor. Zodoende hoefde ik nooit na te denken over mijn eigen problemen en gevoelens. Een obsessie duurde hooguit twee jaar en daarna was ik totaal uitgeput. Een nieuwe obsessie liet mij iedere keer weer herleven. In alle gevallen betrof het altijd een nieuwe baan!

De allerlaatste obsessie was helaas de alcohol. Door mijn obsessieve gedrag heb ik veel ongevallen gehad in mijn leven. Van brandwonden, snijwonden, vingertopje eraf etc. Ik mag achteraf heel dankbaar wezen dat ik nog leef.

Met het 2e handvat dat ik van Emergis aangereikt kreeg, heb ik de absolute grip gekregen op mijn gehele problematiek. Dit handvat heet mindfulness. Een heel erg krachtige tool. Leven in het moment. Superbewust. Bewust keuzes maken. Weten welke gedachtes er in je hoofd spelen en deze nu kunnen sturen zodat er niet een onverklaarbaar gevoel opkomt.

Ik heb binnen mindfulness mijn eigen weg gevonden. En niet de dagelijks bekende bodyscan of mediteren maar simpele toepassingen zoals: bewust eten, douchen, muziek luisteren, fietsen én genieten van de omgeving i.p.v. zo snel mogelijk een bepaalde afstand afleggen. Ook de dingen die ik koop, koop ik bewust en niet meer impulsief. Ik geniet tegenwoordig met volle teugen van het leven, zoals nooit tevoren. Ik waardeer het.

Mijn belangrijkste, onverwoestbare pijlers die bijdragen aan mijn stabiliteit zijn naast mindfulness, een fijne dagbesteding, mijn sport ‘Krav Maga’ en een goed sociaal netwerk. Iets wat ik hiervoor nooit eerder heb gehad omdat ik leefde om te werken. Maar ook vaste structuren zoals een vast dag/nacht ritme, vaste momenten voor ontspanning, vaste eettijden et cetera.  Ik heb al langere tijd een niveau aangetikt wat ik nog niet eerder bereikt heb in mijn leven en ben vastbesloten mij hier te handhaven.

Soms hoort hier tegengesteld gedrag bij, het zogenaamde contragedrag. Omdat ik goed voor mijzelf moet zorgen, moet ik andere mensen wel eens teleurstellen. Maar dat maakt mij tot wie ik nu ben en daar ben ik meer dan trots op. Al enige tijd speelde ik met de gedachte om iets met al mijn kennis en ervaringen te gaan doen. Iets wat ik al op kleine schaal doe binnen mijn eigen werkplaats. Werken met mensen en anderen helpen is mijn passie. Ik hoop in de toekomst in de zorg te kunnen werken en waar mogelijk mensen dezelfde problematiek en ervaringen stappen te laten maken in hun herstel.


 

16652593_1194657487317280_1203659974_n

Ik ben Ringo van der Stel (41 jaar). Ik ben bekend met: verslaving, autisme, borderline, manische depressiviteit, psychoses en obsessieve compulsieve persoonlijkheidsstoornis. Dit is allemaal voortgekomen uit een late diagnose van autisme. Voor mij was het zeer lastig om een keuze te maken uit de vele ervaringen die ik heb. Graag wilde ik ze allemaal met jullie delen. Het mooie is dat ik er nog steeds ervaringen bij krijg. Ervaringen die mij gemaakt hebben zoals ik nu ben en hoe ik nu het leven sta.

Klik hier voor de uitzending van Brandpunt (dinsdag 13 december 2016) waar ik voor ben geïnterviewd.

 

 

 

 

 

 

Wie ik écht ben

Tekst en foto’s: Els Zeldenthuis

Ik ben een vrouw van eind veertig en sinds 2012 in balans na een leven dat bestond uit enorme pieken en diepe dalen, veel… heel veel medicatie, opnames, therapieën en sombere vooruitzichten. Er is eens gezegd dat ik al stuiterend geboren ben. Als kind was ik erg druk. Mij concentreren en stilzitten was moeilijk. Toch had ik ook periodes dat ik me terugtrok, dan kon ik uren op mijn kamer zitten, muziek luisteren, lezen en vooral alleen zijn.

Gevoel uiten hoorde niet in die tijd, dat deed je gewoon niet. Punt.

Op mijn 16de kreeg ik voor het eerst antidepressiva. Ik was vooral moe. Later bleek het de ziekte van Pfeiffer. De medicatie haalde me totaal uit balans en gaf innerlijk veel verwarring omdat ik mezelf kwijt raakte en dat niet onder woorden kon brengen. Therapieën volgden, meer medicatie en ik ging hoe langer hoe meer ‘stuiteren’.

Mijn stemmingen wisselden elkaar steeds sneller af en een klein geluk was dat de depressies korter waren dan de hypomane episodes. Daardoor werden behandelingen afgesloten. Het ging weer goed met me. Depressie voorbij en ik voelde me goed. Dit patroon bleef en op mijn 37ste kreeg ik diagnoses waaronder de bipolaire stoornis. Eerst blij dat het een naam had. Dan een soort rouwproces want in de psycho-educatie werd duidelijk dat ik nooit kon genezen, altijd medicijnen moest slikken en onder behandeling van psychiater zou moeten blijven. Dat wilde ik niet geloven en dat was een terugkerend onderwerp in gesprekken. Ik MOEST accepteren dat dit zo was en ik moest uit die ontkenning.

Vanaf dat moment begon het drama pas echt. Balans was ver te zoeken ondanks alle medicatie, onderzoeken, second opinion, therapie, opnames enz. Ik ontregelde steeds meer, vaker en heftiger. Iedereen wees naar mij. Ik bleef in de ontkenning dat dit de oplossing was en bleef zeggen dat ik zou herstellen. Dat ik stabiel zou worden zonder medicatie. Natuurlijk zat er in mijn hoofd ook een twijfelstem want waarop baseerde ik dit? Op mijn gevoel. Maar dat werd ook overhoop gehaald door al die pillen. Dus kon ik mijn gevoel nog vertrouwen? Voelen werd iets dat steeds verder weg stond van me. Ik was aan het overleven in plaats van leven.

In januari 2012 kwam ik uit een opname en besloot dat het genoeg was. Ik stopte van de één op de andere dag met alle medicatie, stelde mijn psychiater hier netjes van op de hoogte en ging naar een klassiek homeopaat. Zij was tevens spiritueel coach wat mij aansprak want al langer had ik het idee dat er iets anders was dan de gestelde diagnoses.

 

stand-out-from-the-crowd_storyheadtwocol

Dit vermoeden leek te kloppen en er vielen toen zeer veel dingen op zijn plek. Ik voelde zeer subtiele trillingen om me heen en dat waren dus géén psychotische verschijnselen zoals ze eerder genoemd werden. Ook nam ik bijvoorbeeld stemmingen van anderen over en ik leerde me daarvoor af te schermen. Ik leerde om juist wél te voelen, om juist wél alles toe te laten wat zich in mijn lijf en hoofd afspeelde. En ik leerde hoe ik daarmee om kon gaan. In combinatie met klassieke homeopathie kwam er in zeer korte tijd balans in mijn leven. Ik ging weer voelen. Door de medicatie was dit zo onderdrukt dat ik het min of meer opnieuw moest leren. Het was een pittige tijd en toch wist ik dat dit mijn redding was, mijn kans op balans. Ik ben zeer gevoelig en dat hoeft niet onderdrukt te worden. Juist niet want dat maakte het alleen maar erger. De prikkelgevoeligheid mag er zijn en daarmee leren omgaan maakt het verschil tussen last en kracht.

Ik leefde lange tijd vooral in mijn hoofd en was daardoor het contact met mezelf kwijt. Overleven in plaats van leven. Ik ging weer naar feestjes en hield dan rekening met extra rust vooraf en nadien. Ik leerde mild te zijn voor mezelf door extra rustmomenten in te bouwen wanneer ik voelde dat ik dat nodig had. Dat leren herkennen en dan erkennen heeft mijn leven veranderd. Ik ben liefdevoller naar mezelf geworden en neem mezelf serieus.

Alles wat ik voel is waar, is echt en het mag er ook zijn. De depressies en manieën waren een gevolg van onderdrukken van gevoel en leven vanuit mijn gedachten. Ver weg van mezelf dus. Dat gevoel zich niet laat onderdrukken is nu wel duidelijk voor me. De angst om het aan te gaan, kan al zorgen voor een dip. En dat is ook gevoel, dat klopt, maar dat is meer een ontkenning, vlucht en vechtmechanisme. Tijdens een manie hoefde ik niks met mijn echte gevoel, want het ging prima. Tijdens depressies ook niet, want dan moesten ze me gewoon met rust laten en was ik vooral slachtoffer.

dandelion

Dat laatste is nog steeds belangrijk om te voelen voor me. Ik ben géén slachtoffer en ten alle tijden verantwoordelijk voor mijn eigen geluk, balans en leven in alle opzichten. Ik bepaal wat ik voel, wat ik denk en hoe ik omga met alles dat op mijn pad komt en niemand anders.

Ik herken nu ook wanneer ik minder in mijn lijf zit en mijn, vaak nog negatieve gedachten, de boventoon laat voeren. Terug in mijn lijf dus. Aarden. Veel de natuur in. Ademen. Rust en keuze maken of ik wil vluchten, vechten of accepteren. Accepteren van voelen en de angst om het aan te gaan is vaak vele malen groter dan het echte voelen. Ik ben enorm dankbaar voor de begeleiding die ik ook nu nog heb van iemand, die me steeds dichter naar mezelf brengt, wie ik écht ben en niet de persoon die ik zoveel jaren dacht te zijn. Leven vanuit mijn kracht, diezelfde kracht die ik in 2012 kon voelen en inzetten om mijn weg te gaan waarvan ik diep van binnen wist dat die de juiste was.  Een persoon die me alleen ziet al mens, voorbij welk label dan ook. Zo mag en kan ik mezelf nu ook zien, als mens…zonder etiket. Ik ben in balans zonder medicatie.

Eindelijk kan ik voluit zeggen: IK LEEF.


14333786_909173035853586_5053870864723065525_n

Ik ben Els en woon sinds 1993 met mijn vriend in de mooie Achterhoek. We hebben een zoon van 20 jaar, twee katten en een hond: mijn maatje, mijn alles. Dieren en natuur in alle facetten speelt een heel belangrijke rol in mijn leven.

Ervaringsverhaal over psychose

Tekst en foto’s: Huub Hendriks

Nu ik terug kijk op de beginperiode van mijn bipolaire stoornis merk ik, nu we 42 jaar verder zijn, dat er nog steeds heel weinig openheid over psychose is. Veel cliënten die psychoses moeten doorstaan, zwijgen er het liefst over omdat ze denken dat zij dit alles alleen hebben en dat enkel zij gek zijn. Maar het tegendeel is waar. Ik zie het zo: Als je psychotisch bent, is je lichaam geestelijk totaal van streek en in je geest voltrekt zich een drama dat ervoor vecht om ervoor te zorgen dat je kunt overleven. Door al mijn ervaringen denk ik dat psychoses ervoor zorgen dat je geest zich kan ontladen en zo ontstaat er een situatie dat je mogelijk niet krankzinnig word.

psychose1

Ooit lag ik bij een opname vele maanden gesepareerd en moest ik de ene na de andere psychose gedwongen ondergaan. Ik besefte niet wat er zich in mijn hoofd afspeelde. Ik herkende zelfs mijn eigen echtgenote niet, die maar 5 tot 10 minuten per dag bij mij mocht. Ook viel ik in die periode 30 kilo af. Na zeven maanden moest ik zelfs opnieuw leren lopen omdat ik dat niet eens meer kon. Jaren later vertelde mijn psychiater dat hij met zijn handen in het haar had gezeten om mijn toestand onder controle te krijgen. Ook omdat hij verkeerde medicatie had toegediend. Bij deze psychiater zijn we 21 jaar lang gebleven. Altijd was hij er voor ons en als ik onverwachts moest worden opgenomen, maakte hij altijd plek. Al kwam ik de eerste tijd in de badkamer te liggen. Van hem mocht ik in psychotische toestand zelf met mijn auto van ons huis naar de kliniek rijden en dat is altijd goed gegaan.

“Ik zal u deelgenoot maken van de door mij doorleefde psychose omdat ik mij de meeste achteraf allemaal kan herinneren.”

Op weg met mijn apostelen
Het was op een dinsdagmorgen. Ik lag op een driepersoonskamer. Ik was net enkele dagen weg uit een separatiekamer waarin ik maanden lang had vertoefd. Zware psychoses hadden de afgelopen tijd mijn lichaam geteisterd. Ik was nu weer redelijk hersteld. Ik voelde me raar van binnen en lag veel op bed. Zo goed en kwaad als het ging, zocht ik naar evenwicht in mijn geestelijke gesteldheid. Mijn medepatiënten waren twee mannen en beiden waren tijdens de rustperiode niet op de kamer. Liggend vanuit het middelste bed keek ik veel naar buiten. Tientallen watervogels en eenden vlogen boven de vijvers in de buurt. Gefascineerd keek ik liggend naar hun vlieggedrag. Uren kon ik hen zo observeren.

Plotseling stonden alle vogels stil in de lucht. Ik wist niet wat mij overkwam. Van alles schoot er door mijn hoofd. Ik stapte uit bed en liep naar het raam. Ook al het verkeer en de voetgangers stonden stil. Ik schudde mijn hoofd en kon een en ander niet bevatten. Toen opeens kwam een bepaalde gedachte steeds sneller in mijn geest terug en gaf mij de opdracht om met mijn apostelen naar de hemel te gaan. Als vanzelfsprekend probeerde ik die opdracht uit te voeren, alhoewel mijn gekwelde geest geen raad wist met de situatie. Ik ging weg voor het raam en begaf mij naar de kleine tussengang waar de kasten en de wastafels waren. Ik waste eerst mijn eigen handen goed. Voor het afspoelen van mijn handen had ik een glazen kan uit de keuken gehaald, maar tot twee maal toe viel deze kletterend in de wasbak zonder te breken. Hij was gelukkig niet stuk. Plots stond er een verpleegkundige achter mij. Hij vroeg of ik niet wat rustiger kon zijn en wat ik met die kan bij de wastafels deed. Ik weet niet meer welk antwoord ik gaf. Vanaf dat moment zal men mij extra in de gaten gehouden hebben. Nadat mijn handen overdreven gewassen waren, ging ik weer naar mijn bed. Innerlijk had ik totaal geen rust meer en weer zag ik de beelden van voorheen die mij verlangden om met de apostelen naar de hemel te gaan. Steeds groter werd de drang om daar gehoor aan te geven, alleen wist ik nog niet hoe? Even later stond ik op verliet mijn kamer en bezocht alle andere kamers waar mijn medepatiënten lagen te genieten van hun middagdutje. Van ieder bed sloeg ik de dekens aan het voeteneinde omhoog en kuste van ieder de voeten. De meeste patiënten reageerden niet of hielden zich slapende. Totdat natuurlijk een van hen de verpleging consulteerde. Toen was het met mijn zwerftocht over de kamers gedaan.

Met zachte hand en kalmerende woorden werd ik verzocht om mee te gaan. Nu was ik natuurlijk weer bij mijn positieven en wist ik maar al te goed wat er zou gaan gebeuren. Een vreselijke tijd volgde die met een separatie begon. Toen mijn vrouw Ans later die dag arriveerde schrok ze hevig. Dit had ze niet verwacht en later zouden er de komende maanden talloze psychosen volgen. De een nog erger dan de ander. Iedere avond kwam Ans mij opzoeken en dat ze daardoor in totaal vijf uur onderweg zou zijn deerde haar niet. En dit terwijl ze de eerste weken maar heel kort bij mij mocht zijn. Vaak kon ik de onmacht en pijn van haar gezicht aflezen. Dit alles raakte mij diep. Ook de momenten dat er door mijn psychotische toestand bijna geen contact tussen ons mogelijk was, heeft altijd een diepe indruk op me gemaakt.

psychose2

Net op de momenten dat er echte opvang voor familie en/of betrokkenen nodig is, blijft deze meestal heel ver weg. Betrokkenen blijven daardoor verstoken van de aller noodzakelijkste informatie omtrent hun dierbare. Daarom is het ontzettend belangrijk op een behandelplek te zijn, waar alles al van te voren geregeld is als er een echte crisis dreigt. Dat er ook een noodplan of crisiskaart is, waar men zich dan ook verplicht aanhoud. Een noodplan kun je in goede doen samen met je behandelaar opstellen. Een exemplaar krijg jij, het 2de komt bij je huisarts en het 3de op je behandelplek. Hierin kun je je bejegening en bijvoorbeeld je medicatie opnemen. En de dingen die jezelf absoluut niet wilt maar tijdens de behandeling eventueel bespreekbaar zijn.

Nog een laatste tip: Blijf altijd medicijntrouw, ook al zijn er tijden dat je denkt: “Waarom die medicatie slikken, ik kan best zonder of met minder?”. Volg ook met je familie of naaste een psycho-educatiecursus. Wees voorzichtig met alcohol en andere genotsmiddelen want deze kunnen je medicatiewerking veranderen of versterken . Zorg ook voor rust, reinheid en regelmaat. En win zoveel mogelijk informatie in over je ziektebeeld. Dit kan je een beter inzicht geven en je altijd van pas komen.


2013Mondriaanhuub hendriks16 - kopie

Mijn naam is Huub Hendriks, geboren in Slenaken (1950). Ik ben de oudste van 4 broers. Helaas is mijn jongste broer enkele jaren geleden op 47 jarige leeftijd door suïcide overleden. Op mijn 23ste leerde ik Ans kennen. Samen hebben we één zoon Dave. In 1974 gaat het plotseling goed mis en word ik voor het eerst psychotisch. Een opname van 14 maanden volgt en in die tijd wordt, zonder dat ik daarbij ben, onze zoon geboren. Bij mij wordt de diagnose manisch-depressief gesteld. Nog vele lange opnamen volgen. Ik ben wel altijd erg medicatietrouw geweest en heel langzaam kreeg ik de controle terug over mijn leven. In 1975 werd ik volledig arbeidsongeschikt en daarmee heb ik het jarenlang heel erg moeilijk gehad. Ik geef nu voorlichting over de bipolaire stoornis.

Leef mét je ziekte zonder te lijden

Tekst en foto’s: Johannes van der Tempel

Toen ik voor het eerst manisch werd, was ik 18 en werd er nog geen diagnose gesteld. Ik was gewoon even een beetje gek geweest. Niks aan de hand. Ik slikte braaf de medicatie en het leven ging door. Een jaar later was het weer raak: een tweede manie. Echter nog geen diagnose maar hetzelfde verhaal. De depressies bleven ook uit dus ik had niet veel reden tot klagen, noch reden om na te denken wat er met mij aan de hand was. En het leven ging weer verder. Tot ik op mijn 21e weer aan de beurt was. Nu volgde wel een diagnose: manisch-depressief. Medicatie: Lithium. Nu ook gevolgd door een milde depressie. Maar het feit dat ik in een studentenhuis van 24 man woonde, zorgde ervoor dat ik onder de mensen bleef en vrij snel herstelde. Ik leed nog steeds niet aan mijn ziekte, hoewel ik wel in de alcohol dook om mezelf vooral niet te diep in de ogen te hoeven kijken. Dit ging jaren goed. Er werd niet veel gestudeerd maar vooral gezopen.

Op mijn 26e kwam ik weer thuis bij mijn vader te wonen. Mijn studie was gefaald maar ik was in de tussentijd niet meer manisch of depressief geweest. Bij gebrek aan beter werd ik stratenmaker en het beviel. Het leven ging door. Ik werd steeds meer een echte stratenmaker en ging weer uit huis. Ik woonde net op mezelf toen mijn vader overleed. Een diepe schok maar blijkbaar geen reden voor de ziekte om z’n kop weer op te steken. Lithium deed z’n werk goed. Ik kreeg een vriendin en besloot weer in het ouderlijk huis te gaan en blijven wonen. Dit huis moest echter nog wel van mijn broers en zus gekocht worden. Iets dat veel meer ellende opleverde dan vooraf gedacht, helaas. De hele transactie leverde me heel veel stress op maar ik bleef stabiel. De deal werd afgerond en alles leek weer goed. Leuk huis, prima baan, fantastische vriendin, gestopt met roken en drinken, veel aan het sporten, über fit. Ja zelfs stoppen met Lithium kwam in me op.

rondweg-004

‘Levenspad’

Totdat het wel degelijk mis ging. Manie! Na 14 jaar stabiel ondanks veel drank, drugs en het overlijden van mijn vader. Altijd open en eerlijk tegen mijn vriendin geweest maar nu was het echt op de voorgrond: lijden aan de bipolaire stoornis. Meer medicatie, weg manie en binnenkomst depressie. Maar het duurde maar even of de manie stak z’n kop weer op. De depressie die volgde, was iets wat voor mij volledig nieuw was. Het leven stond stil. Mijn eerste ervaring met een echte volledige depressie. Ik heb mij nog nooit zo slecht gevoeld. Suf en afgevlakt door de medicatie. Een moeilijk te omschrijven zwart gat. Ik raak in een sociaal isolement: geen werk, geen contacten behalve mijn vriendin. Ik zakte steeds verder weg in de depressie. Omdat ik ook nog een sociale angst ontwikkelde, in de vorm van trillen bij sociaal contact, ging ik steeds meer dingen vermijden. Ik wilde op een gegeven moment echt niet meer leven en zette het op een drinken. In deze roes van alcohol en zelfmoordneiging wist mijn vriendin mij te redden van het ergste. Zo kom ik op de dagbehandeling van de GGZ terecht. Daar ging het al snel beter. Ik had weer meer contact en een dagritme. Deze opname duurde drie maanden en ik kwam er zeker beter weg dan dat ik binnen kwam.

Ik ging weer gedeeltelijk aan het werk. Terug in de maatschappij. Maar ik voelde mij nog steeds duf en afgevlakt. Ik leed nog steeds aan de depressie. En de sociale angst zat steeds meer op de voorgrond dus daarvoor ging ik ook in therapie. De therapie vond ik leuk. Een groep van acht mensen. Allen met zelfvertrouwen-problematiek. Hoewel ik mij wel het ergste geval van de groep voelde. Maar dat kan een ieder wel hebben.

Het leven gaat langzaam door. Ik werk… met moeite en probeer mijn sociale angst te overwinnen… met moeite. Maar ik heb een hele lieve vriendin en een mooi huis. Ja, eigenlijk gaat het best redelijk. Maar ik lijd nog wel degelijk aan de bipolaire stoornis en dat is niet hoe het geweest is. Hoe kom ik weer terug op ‘leven mét mijn ziekte’ in plaats van het ‘lijden aan’? Het zal tijd nodig hebben. De depressie moet nog verder afzakken en misschien is er nog wat qua medicatie te doen. Met mijn sociale angst zal ik blijven oefenen en deze niet vermijden. Dat is een lastige en langdurige taak maar het begin is er. Vaker wil ik mezelf herinneren dat het langzaam beter gaat en het leven mét de ziekte weer dichterbij komt. Als het goed gaat, besef je ineens niet meer dat je de ziekte hebt maar hij kan zomaar de kop weer opsteken. Zelfs na 14 jaar. Dan wordt het tijd om echt met jezelf aan de slag te gaan. Niet meer te verdrinken in alcohol en het te vermijden. Vechten voor jezelf in tijden van zwaar weer om er na de storm sterker uit te komen. Klaar voor weer 14 jaar stabiliteit of wellicht nog langer. Ik weet dat het goed komt!


rondweg-005

‘The road ahead’

Hallo, ik ben Johannes van der Tempel, 35 jaar en stratenmaker. Geboren in Augustinusga, een klein dorp in Friesland, als jongste van 4 en opgegroeid in Drachten. VWO gedaan en toen de studie werktuigbouwkunde aan de TU-Delft. Echter niet afgemaakt. Daarna dus stratenmaker tot op heden. Bipolair vanaf 2001 en 14 jaar stabiel geweest op lithium. Nu zo’n 2 jaar weer instabiel, maar herstellende.